Het Mechanisme Van De Fiets!

Het mechanisme van de fiets in is feite vrij eenvoudig. Er zitten geen verborgen elektrische of mechanische onderdelen in een fiets. De fiets maakt gebruikt van twee eenvoudige technieken:

1) Het uitoefenen van wrijving met de remmen vertraagt de fiets
2) Het trappersysteem met de tandwielen versnelt de fiets

Laten we eens naar de verschillende onderdelen van de fiets kijken voordat we op deze principes ingaan. Het hoofdonderdeel van de fiets is het frame, dat de basis en drager vormt van alle overige fietsonderdelen.

De Frame Van Een Fiets

De Frame Van Een Fiets

Bovendien heeft een fiets nog twee wielen, een stuur, trappers, een ketting, handremmen, versnellingshandels en een zadel. Daarnaast zijn er nog extra onderdelen zoals voor- en achterlicht, fietsbel, bagagedragers, spatborden en mandjes. Een fiets kan zonder deze extra onderdelen echter wel rijden.

Als het frame is gefabriceerd worden de wielen er in gemonteerd. Daarna worden het stelsel van tandwielen en ketting gemonteerd.

Versnelling en remmen
Er zijn minimaal twee tandwielen op een fiets, waarbij het voorste tandwiel het grootste is. Hierdoor wordt een fiets sneller, omdat het achterste tandwiel sneller rond draait. Met behulp van extra tandwielen kan het achterwiel nog sneller ronddraaien, en dit wordt het versnellingssysteem genoemd. Zonder dit systeem moet het voorwiel heel groot zijn om maar enigszins vooruit te komen. De eerste fietsen zagen er daarom zoals onderstaand uit, en waren uitzonderlijk moeilijk te berijden.

De Oude Fiets

De Oude Fiets

James Starley was de eerste genie die op het idee kwam om voor fietsen een versnellingssysteem met tandwielen te gebruiken. Vervolgens werden de remmen op beide wielen gemonteerd en via kabels bediend. Door de remmen in te knijpen ontstaat er frictie op de wielen en remt de fiets af. Het waren Browett en Harrison die hiermee experimenteerden en hiervoor uiteindelijk in 1876 een patent aanvroegen.

Kogellagers
In tegenstelling tot het uitoefenen van frictie om een fiets af te remmen, worden kogellagers gebruikt om een fiets sneller te maken. Kogellagers zitten in fietsen in de wielassen, de trappers, de hoofdas en de voorvorkbuis. Door de kogellagers in de voorvorkbuis kan een fiets soepel bochten maken, en door de kogellagers in de overige draaiende onderdelen wordt het trappen licht en wint de fiets snelheid.

Het kogellager

Het kogellager

De kogellager werd uitgevonden door Jules Suriray en is in bovenstaande tekening geel, rood en blauw gekleurd. De gele balletjes zijn de kogels, die de gehele lager rondom opvullen. De kogellager is van binnen gesmeerd en kan daarom gemakkelijk een draaibeweging uitvoeren. Het contact van metaal op metaal is heel klein, namelijk alleen op die punten waar de kogels de lager raken, en daardoor is er vrijwel geen frictie. Kogellagers moeten regelmatig worden gereinigd en gesmeerd.

Dit zijn de twee belangrijke mechanismen die ten grondslag liggen aan de moderne fiets en deze tot zo’n duurzaam en nuttig hulpmiddel voor de mens hebben gemaakt.

Tegenwoordig worden er nog veel meer technologieën gebruikt in de fiets. Een voorbeeld daarvan is het hydraulische remsysteem, hydraulische schokbrekers en diverse andere ophangsystemen. De ontwikkelingen die in de volgende generatie fietsen op komst zijn zullen gebruik maken van thermostatische krachten en elektronica om de fiets nog sneller en efficiënter te maken. Misschien zal er zelfs gebruik worden gemaakt van zonne-energie. Kortom, de toekomst van de fiets ziet er zonnig uit.

Category: De Fiets Algemeen

Plaats Een Reactie